Blik op de Bouw september 2: o.a. Nederlanders wonen toch niet te groot
09 sep 2026
De vraag naar woningen blijft groeien, maar de bouwproductie staat nog steeds onder druk door stijgende bouwkosten en hoge rentes. Een belangrijke ontwikkeling die we zien is dat woningcorporaties te weinig ruimte hebben om te investeren. Uit onderzoek blijkt dat anders dan eerder gedacht Nederlanders niet te ruim wonen.
Corporaties zien financiële ruimte verdampen
Het Financieel Dagblad meldt dat woningcorporaties de komende jaren hun financiële grenzen bereiken. Volgens Aedes komen zij € 19,4 miljard tekort om de Nationale Prestatieafspraken uit te voeren. Vooral de hogere rente en sterk gestegen onderhoudskosten drukken op hun financiële positie. Het kabinet heeft maatregelen aangekondigd, zoals een lagere vennootschapsbelasting en ruimere leenmogelijkheden voor middenhuur. Corporaties twijfelen echter of dit voldoende is om het probleem op te lossen. Nu is er nog enige financiële ruimte, maar die kan de komende jaren snel verdwijnen. Daarmee komen onderhoud, verduurzaming en de bouw van nieuwe sociale huurwoningen in gevaar.
Juist wanneer middelen schaars zijn, moet iedere euro zo effectief mogelijk worden besteed. Industriële en modulaire bouw kunnen daarbij helpen. Een voorspelbaar productieproces, kortere bouwtijd en minder faalkosten maken het mogelijk om woningen sneller en efficiënter te realiseren. De oplossing ligt dus niet alleen in extra geld, maar ook in een slimmere inzet van het beschikbare budget.

Nederland woont niet te groot
De Telegraaf zet vraagtekens bij het idee dat Nederlanders te ruim wonen. TU Delft-onderzoeker Friso de Zeeuw en woningonderzoeker Geurt Keers laten zien dat Nederlanders gemiddeld 41 vierkante meter nuttig woonoppervlak per persoon hebben. Dat ligt iets boven het Europese gemiddelde van 37,5 vierkante meter, maar onder de circa 45 vierkante meter in vergelijkbare Noordwest-Europese landen. Volgens de onderzoekers is het Nederlandse woonbeleid daardoor te vaak gebaseerd op een verkeerde aanname. Appartementen worden nu steeds kleiner, terwijl doorstromers en senioren juist behoefte hebben aan ruimte. Senioren verhuizen bovendien pas wanneer een nieuwe woning voldoende woonoppervlak, kwaliteit en comfort biedt.
Verdichting blijkt geen wondermiddel
Uit onderzoek van het Economisch Instituut voor de Bouw (EIB), waarover de Telegraaf bericht, blijkt dat de mogelijkheden voor woningbouw binnen bestaande steden zijn overschat. Het aantal woningen dat via splitsing, optoppen en transformatie werd toegevoegd, daalde van 16.000 in 2021 naar ongeveer 10.000 vorig jaar. Vooral optoppen blijft ver achter bij de verwachtingen. In 2025 kwamen er op deze manier slechts circa 600 woningen bij, terwijl eerder op ongeveer 10.000 per jaar werd gerekend. Veel gebouwen zijn technisch of financieel niet geschikt voor transformatie. Ook bezwaren van bewoners, vergunningstrajecten, parkeerproblemen en kosten voor installaties en ontsluiting maken verdichting lastiger dan gedacht.
Volgens het EIB ontstaat hierdoor een gat van minstens 20.000 woningen ten opzichte van de jaarlijkse ambitie van 100.000. Als verdichting niet genoeg oplevert, blijft nieuwbouw buiten de bestaande stedelijke structuur nodig. Het EIB ziet vooral kansen in kleinschalige uitbreidingen aan de randen van steden en dorpen.

Koopwoningmarkt remt de bouwproductie
Ook voor nieuwbouwkoopwoningen is het beeld zorgelijk, blijkt uit de nieuwste Monitor Koopwoningenmarkt waarover de Telegraaf schrijft. Het aantal verkochte nieuwbouwwoningen blijft al langere tijd steken op ongeveer 7.500 per kwartaal. Ondertussen stegen de bouwkosten vorig jaar met circa 8% en maken hogere rentes projecten minder rendabel. Ontwikkelaars krijgen de financiering daardoor moeilijker rond. Bovendien worden nieuwbouwwoningen duurder, waardoor bestaande woningen relatief aantrekkelijk blijven. Er zijn nog ruim 219.000 harde bouwplannen, maar dit aantal daalde in de eerste helft van 2026 voor het eerst licht. De ambitie om jaarlijks 100.000 woningen te bouwen raakt daarmee verder uit beeld. De monitor maakt duidelijk dat voldoende bouwcapaciteit alleen niet genoeg is. Woningen moeten ook betaalbaar en financieel uitvoerbaar blijven.




